System crasher op het JEF festival

  • 11/02/2020
  • W Festivals
  • W Interview

Een ‘system crasher’ is een jongere die de stoppen bij het welzijnswerk doet doorslaan en door de mazen van het net valt. Het systeem faalt. Zoals bij Benni, een getraumatiseerd 9-jarig meisje dat in talrijke pleeggezinnen en opvangcentra werd weggestuurd en altijd weer in de kinderpsychiatrie belandt. 

De manipulatieve, gewelddadige Benni zet met haar tomeloze energie iedereen onder hoogspanning: haar moeder, de maatschappelijk werkers, de ambtenaren. Micha is haar begeleider en laatste houvast. Benni ziet een surrogaat vader in hem, maar Micha heeft al een gezin.


System crasher, het speelfilmdebuut van de Duitse regisseur Nora Fingscheidt gaat over een sterk meisje vol woede en verlangen. De film neemt je mee op een rollercoaster van emoties. Fingscheidt: “Ik koos voor filmische, zintuiglijke fictie in plaats van een documentaire, omdat de realiteit vaak te complex en verwarrend is, en soms volstrekt hopeloos."

Je wilde per se een verhaal vertellen over een meisje vol woede en razernij.

Nora Fingscheidt: Meisjes in jeugdfilms zijn naar mijn smaak vaak te stil en terughoudend, behalve misschien Pippi Langkous en Ronja Roversdochter. Ze kijken met grote ogen naar de wereld, in plaats van er actief aan deel te nemen. Naar mijn gevoel ontbrak er iets. Ik was zelf een heel druk kind boordevol woede, hoewel zonder fysieke agressie.

 

Waar komt Benni’s woede vandaan?

Fingscheidt: Uit het feit dat ze niet bij haar moeder kan zijn en keer op keer wordt verstoten, terwijl haar moeder doodsbenauwd is voor haar woedeaanvallen. Het is een vicieuze cirkel. Sommige kinderen reageren veeleer teruggetrokken en depressief, terwijl Benni’s wanhoop gewoon naar buiten gulpt.

Die emotionele ups en downs stellen ons voor een dilemma. Het is zo makkelijk om van Benni te houden, maar ze is potentieel enorm gewelddadig. Een tikkende tijdbom!

Fingscheidt: Die ontembare destructieve kracht hoort bij haar unieke karakter. We probeerden stereotypen te vermijden: Benni is geen puber, ze woont niet in een betonnen woonblok, ze is geen migrant, ... Clichés zijn niet van toepassing op haar. Haar gedrag is de naakte waarheid, niets meer en niets minder.


Daarvoor heb je een fantastische actrice nodig!

Fingscheidt: Helena Zengel was een van de eerste meisjes die de casting agent voorstelde. Ik had nooit verwacht dat we onze hoofdactrice zo makkelijk zouden vinden, dus bleef ik zoeken. Maar in gedachten kwam ik altijd weer bij Helena terecht. Zij belichaamt zowel agressie als delicate kwetsbaarheid. We hebben veel gepraat en we gingen samen kleren kiezen in tweedehandswinkels om voeling te krijgen met Benni's universum. Tijdens de opnames woonde Helena enkele maanden bij mij, ze ging tijdens de weekends naar huis en belde elke dag met haar moeder. 's Avonds werkten we samen aan het script. Voor haar huiswerk huurden we een privé leraar in. Op school presteerde ze beter dan ooit.

De muziek en de kleuren in de film zijn opvallend.

Fingscheidt: Benni’s energie is zichtbaar in elk detail. Daarom draagt ze warme, sterke kleuren: rood, roze, paars, geel, oranje. Enkel wanneer ze in de psychiatrie verblijft, verliest ze haar kracht en verandert haar kleurenpalet in blauw en turquoise. Voor de muziek wilden we iets dat wild, verontrustend en dissonant klonk, maar tegelijk ook kinderlijk en emotioneel. Dat was een uitdaging!


Sinds wanneer ben jij in de ban van cinema? 

Fingscheidt: Eigenlijk ‘sinds altijd'. Sinds ik mijn eerste film zag: L’ours van Jean-Jacques Annaud. Mama beer sterft al vroeg in de film en keer op keer probeerde ik het verhaal in mijn hoofd te herschrijven. Mijn ouders hebben weinig voeling met cinema, niemand in mijn familie heeft iets met kunst te maken, dus zocht ik op google 'hoe kan ik filmmaker worden?' Natuurlijk maakten ze zich zorgen over mijn ongewone passie, maar nu zijn ze heel trots op me.

Je maakte immers een ophefmakend debuut.

Fingscheidt: Ik heb dit project gedurende zes jaar grondig voorbereid, ik kreeg advies van experts, ik deed uitgebreide research, ik werkte met een geweldige crew … en toch was ik doodsbenauwd. Die onzekerheid maakt deel uit van het proces. Je moet enkel een manier vinden om je angst te omhelzen, in plaats van af te stoten.